Uw zoekopdracht Uw zoekopdracht
PDF PDF Print

Historische inleiding

PREHISTORISCH YPENBURG
Ypenburg ontleent zijn naam aan de boerderij Ypenburg die er lang heeft gestaan, maar bij de aanleg van de wijk vonden archeologen bij het winkelcentrum van Ypenburg resten van een zeer oude nederzetting en een grafveld. Tussen 3800 en 3400 v.Chr. woonden hier mensen op een duin aan de toenmalige kustlijn. In twee periodes woonden ze in de nederzetting en in de tussenliggende periode was het duin waarschijnlijk akkerland of werd het gebruikt voor tijdelijke jachtkampen. Het Ypenburgse grafveld is de oudste begraafplaats van West-Nederland. Gedurende ongeveer twee eeuwen begroeven mensen hier hun doden. 

YPENBURG VANAF DE MIDDELEEUWEN
Over latere inwoners van Ypenburg is niet veel bekend. Mensen woonden bij voorkeur op hoger gelegen zandruggen, zoals die van Rijswijk en Voorburg en woonden niet graag in drassig veengebied zoals dat van Ypenburg. Aanvankelijk zal Ypenburg nog als landbouwgebied zijn gebruikt, maar in de loop van de eeuwen werd er steeds meer turf gewonnen. De gaten die door turfwinning ontstonden liepen vol water. De turfwinning in Ypenburg nam zo’n hoge vlucht dat de huidige woonwijk in de negentiende eeuw voor een groot deel uit water bestond. Pas door inpoldering werd het gebied weer bruikbaar voor andere activiteiten dan visvangst.

 

VLIEGVELD YPENBURG
Aan de Haagse kant van Ypenburg ontstonden geen waterplassen en daar werd ook het eerst gebouwd. Langs de Vliet werd bijvoorbeeld een aantal chique buitenplaatsen aangelegd. In de negentiende en twintigste eeuw verstoorden de spoorlijnen naar Utrecht en Rotterdam de landelijke rust en in de twintigste eeuw kwamen de autowegen daarbij. Langs de autoweg naar Rotterdam lag de bekende Rijswijkse wielerbaan en vlak daarnaast werd in 1937 het eerste ‘Haagse’ vliegveld geopend. 

Al vanaf 1919 waren er plannen voor een Haags vliegveld, maar door de hoge kosten werden die niet uitgevoerd. Dankzij een particulier initiatief kreeg Den Haag toch een vliegveld. Leden van de pas opgerichte Haagsche Aero Club kregen in 1935 toestemming voor een klein sportvliegveld Ypenburg, mits dat niet concurreerde met een groot Haags-Rotterdams vliegveld dat nog bij Delft-Zuid was geprojecteerd, maar uiteindelijk niet doorging. De Haagsche Aeroclub, de bank Heldring en Pierson, de Nationale Luchtvaartschool, de Rotterdamsche Aeroclub en enkele luchtvaartliefhebbers richtten twee bedrijven op voor de bouw en het beheer van vliegveld Ypenburg.

 
BOUW VLIEGVELD
Bij de eerste steenlegging op 11 juli 1936 (door de Rijswijkse burgemeester) landde al het eerste vliegtuig, een De Havilland Leopard Moth F.K.C. Er werd ongeveer een jaar gewerkt aan de bijzonder fraaie vliegveldgebouwen die grotendeels nog in Ypenburg zijn te zien. Het vrij ruime stationsgebouw met verkeerstoren, kantoorruimte, een restaurant en dakterrassen was door de bekende architecten J.A. Brinkman en L.C. van de Vlugt ontworpen in de stijl van de Nieuwe Zakelijkheid. 
In de noordelijke vleugel van het gebouw kreeg de Haagsche Aeroclub een aantal clublokalen en een eetzaal. De Rotterdamsche Aeroclub werd medegebruiker, maar hield het eigen clubgebouw op het Rotterdamse vliegveld Waalhaven aan. In het middendeel van het stationsgebouw ontstond de reizigershal met het passagebureau van de KLM. De ANWB kreeg ook een kamer toegewezen voor het Bureau van Luchttoerisme en de douane. Rijkswaterstaat (voor de radio) en de Nationale Luchtvaartschool kregen er eveneens kamers. Deze school bracht haar hoofdvestiging van Waalhaven over naar Ypenburg. Als kroon op het werk kwam bovenop het gebouw de verkeerstoren.
De horeca kreeg tamelijk veel ruimte: in de zuidelijke vleugel kwam een restaurant met dakterras en voor het gebouw werd ook een groot terras aangelegd. De Nationale Luchtvaartschool verhuisde enkele jaren later naar een nieuw gebouw, dat aansloot op het hoofdgebouw. 

 

VLIEGFEESTEN
Het vliegveld kon ondanks de druk bezochte vliegfeesten met moeite het hoofd boven water houden. De opbrengsten van de vliegfeesten waren ingecalculeerd, want aan drie kanten rond het vliegveld was een dijk gelegd waar 30.000 toeschouwers konden kijken. Helemaal in de geest van die tijd was er ook een ‘eerste rang’. Mensen die iets meer wilden betalen konden zitten op een van de tweeduizend zitplaatsen of op de terrassen van het stationsgebouw. Op 18 augustus 1937 werd het vliegveld goedgekeurd door het rijk en landde het eerste vliegtuig van de KLM op Ypenburg. De openingsfeesten begonnen op 31 augustus en duurden drie dagen. 

 

DE STRIJD OM YPENBURG
De exploitatie van het vliegveld ging moeizaam en hoewel de kranten op een gegeven moment de sluiting verwachtten hield het vliegveld tot de oorlog het hoofd boven water. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog werd Ypenburg een militair vliegveld. Er werden (verouderde) vliegtuigen gestationeerd en er kwam een militaire bezetting die moest voorkomen dat Duitsers of Nederlandse sympathisanten vanuit Den Haag het vliegveld konden bereiken voor sabotage-acties. Op een massale landing vanuit de lucht werd niet gerekend. Pas op het laatste moment dacht men aan deze mogelijkheid en werden de autowegen rond Ypenburg geblokkeerd met grote voertuigen zodat Duitse vliegtuigen niet konden landen. 
In de nacht van 9 op 10 mei vielen Duitsers onverwacht en met grote overmacht Nederland binnen. Duitse troepen zouden bij Ypenburg landen om vandaar met spoed Den Haag binnen te trekken en de Nederlandse regering en het koninklijk huis gevangen te nemen. 
Tijdens het Duitse luchtbombardement van Ypenburg landden Duitse parachutisten. Zij maakten Nederlanders krijgsgevangen en dwongen hen voorop te lopen naar het vliegveld. Omdat de Nederlandse troepen niet durfden te schieten konden de Duitsers zo vrij snel vrijwel het hele vliegveld veroveren. Ze bezetten ook de nabijgelegen Johannahoeve en bereikten zelfs de Vliet. Ze namen hun intrek in onder andere Villa Dorrepaal. Haastig uit Den Haag gestuurde opleidingseenheden voorkwamen dat de Duitsers over de Oude Tolbrug Den Haag konden binnentrekken. Omdat andere bruggen nog stevig in Nederlandse handen waren, mislukte het plan van de Duitsers om bij verrassing de Nederlandse regering en het Koninklijk Huis gevangen te nemen.

 

HEROVERING VAN YPENBURG
Na enkele mislukte Nederlandse tegenaanvallen slaagde een detachement onder leiding van 2e luitenant Maduro erin de brug over de Vliet te bestormen en na felle strijd Villa Dorrepaal te veroveren. Vervolgens werden ook andere huizen en boerderijen veroverd. Tegelijkertijd begon vanaf de Hoornbrug de Nederlandse tegenaanval op het vliegveld. 
De Nederlandse soldaten waren vaak nog rekruten, zij maakten het gebrek aan uitrusting en onvoldoende training goed door buitengewoon moedig gedrag.  Na een bombardement door twaalf Britse bommenwerpers kon het vliegveld worden bezet, maar rond het vliegveld werd nog lang gevochten. Pas in de loop van de avond gaven de laatste Duitsers zich over. Zij werden als krijgsgevangene afgevoerd naar Engeland. 
Als herinnering aan de strijd om Ypenburg staat bij het stationsgebouw in het Ilsy - plantsoen een monument ter nagedachtenis. Veel straatnamen zijn vernoemd naar militairen die in Ypenburg hebben gevochten, ook hebben zij daarvoor een onderscheiding hebben gekregen of zijn omgekomen. 

 

Neergeschoten Duits vliegtuig in de buurt van de Hoornbrug (fotograaf onbekend, collectie Haags Gemeentearchief)

 

BUITENPLAATS YPENBURG
Na de oorlog werd Ypenburg een militair vliegveld en bleef dat totdat het na het einde van de Koude Oorlog in de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra (VINEX) werd aangewezen als woongebied. Het Stadsgewest Haaglanden, waarin enkele gemeenten rondom Den Haag samenwerken, kreeg acht Vinex-locaties toegewezen. Ypenburg zou daarvan met bijna 12.000 woningen de grootste worden.
De laatste decennia waren er weinig eengezinswoningen met tuin gebouwd en die achterstand moest in de nieuwe VINEX-wijken worden goedgemaakt. Ypenburg zou vooral worden gebouwd voor mensen uit hoogbouwwoningen in Den Haag, maar de wijk lag op het grondgebied van Rijswijk, Pijnacker en vooral Nootdorp. Deze gemeente zou groeien van 7.000 inwoners naar 20.000 en daarom een nieuw winkelcentrum krijgen op de plaats van de drafbaan. De aanleg van Ypenburg zou gebeuren onder verantwoordelijkheid van het Samenwerkingsverband Ypenburg, waarin de drie gemeenten met Den Haag samenwerkten. Voor het ontwerp, de planning en de bouw zorgde het ‘projectbureau Ypenburg’. Bouwplannen werden echter goedgekeurd door de gemeente op wier grondgebied het plan zou worden aangelegd.

 

Ontwerp Buitenplaats Ypenburg met oorspronkelijke wijken en deelplannen (1997) (Haags Gemeentearchief)

 

STEDENBOUWKUNDIG PLAN
De hoofdlijnen van Ypenburg werden vastgelegd in het Stedenbouwkundig masterplan van architect Frits Palmboom (uit 1994). Details werden uitgewerkt in vijfentwintig deelplannen. In 1998 werden de huizen van het eerste deelplan van de wijk Singels opgeleverd. De eerste deelplannen werden gebouwd in opdracht van het projectbureau, maar in 1998 ging men een andere werkwijze volgen. Men besloot de ontwikkeling van een deelplan geheel in handen te geven van een projectontwikkelaar. Per deelplan werden vijf projectontwikkelaars geselecteerd voor een competitie, waaruit het projectbureau samen met de betrokken gemeente een winnaar koos. De grondprijs die het bedrijf wilde betalen en de kwaliteit van het ontwerp hoorden tot de selectiecriteria. De gunning van deze (dertien) resterende deelplannen vond in 1998 plaats.  De gemeenten waren nu verzekerd van de grondopbrengst en de bouw van een vastgelegd aantal woningen en de projectontwikkelaars droegen het financiële risico. De competitie gaf de projectontwikkelaars een grote uitdaging, maar de strakke planning en de eisen van het ‘masterplan’ en de eisen die aan Vinex-locaties werden gesteld gaf architecten weinig vrijheid om vernieuwend te bouwen. Een projectontwikkelaar mocht ook niet zomaar duurdere woningen gaan bouwen omdat de kopers dat wilden. Alleen als er iets heel bijzonders gebeurde kon een plan tussentijds gewijzigd worden. 

 

VIJF WIJKEN
Ypenburg zou vijf verschillende wijken krijgen: Singels, Boswijk, Waterveld, Bras en Venen. Elke wijk kreeg een eigen karakter. Singels werd de centrale wijk van Ypenbug met de centrumvoorzieningen en het meest ‘stedelijke’ karakter. Singels werd het best ontsloten door openbaar vervoer en zou de meeste openbare ruimte krijgen. De kavels in Singels zijn gemiddeld kleiner en de woningdichtheid iets hoger dan in de rest van Ypenburg. In Boswijk werd de openbare ruimte juist tot een minimum beperkt om zo groot mogelijke kavels te krijgen. Terwijl de deelplannen van Singels zo goed mogelijk op elkaar aansloten, zouden de woningen in Waterwijk juist worden gebouwd op verschillende geïsoleerde eilanden. In de Bras wilde men de huizen oorspronkelijk schots en scheef plaatsen ten opzichte van elkaar, maar in het uiteindelijke plan is dat niet gebeurd. Net als Waterwijk kreeg de Bras veel open water. De wijk Venen heeft diverse woongebieden, maar daar vallen vooral de grote woonhoven op. Om te voorkomen dat het winkelcentrum ‘s avonds en ’s nachts uitgestorven zou zijn, zouden er tussen en boven de winkels en de openbare voorzieningen woningen komen. Het winkelcentrum moest niet worden afgesloten door wegen en trambanen, maar juist goed bereikbaar zijn. Bij het winkelcentrum kwam ook de grote waterplas de Blauwe Loper. 

 

PIONIEREN IN YPENBURG
Ypenburg begon in 1998 met enkele straten en een beperkt aantal openbare voorzieningen als een kleine supermarkt en een huisartsenpraktijk. De eerste jaren werden gekenmerkt door zand, gebrek aan groen, veel bouwverkeer en steeds nieuwe tijdelijke routes voor het verkeer. Bij een enquête onder de eerste bewoners was 99% van de bewoners tevreden tot zeer tevreden over de woning, maar slecht 56% was tevreden over de woonomgeving. De klachten betroffen vooral zaken die te maken hadden met een onvoltooide wijk. Het groen moest nog groeien en de voorzieningen moesten nog komen. De eerste bewoners van Ypenburg voelden zich pionier.
Op 1 januari 2002 werd Ypenburg geannexeerd door Den Haag. Het werd een wijk van Den Haag met de buurten De Bras, Singels, Waterbuurt, Bosweide en Morgenweide. Het stadsdeelkantoor voor het stadsdeel Leidschenveen-Ypenburg werd in Ypenburg gevestigd.

Jan van Wandelen (Haags Gemeentearchief) 

Literatuur:  E.H. Brongers, De Slag om Ypenburg, Rijswijk, 2000. Victor Freijser, Marcel Theunissen, Guus Rijven, Wonen in de nieuwe gebieden van Den Haag: Ypenburg & Leidschenveen, Den Haag 2006.Anne de Hingh en Evert van Ginkel, De archeologie van Den Haag, Utrecht 2009.Noud Janssen en Arno Lammers, Nootdorp, van veen tot steen. De geografische geschiedenis van Nootdorp, Nootdorp 2004Ilse Ponsen, Vinex-locatie Buitenplaats Ypenburg. Wie, Waarom en Waarom daar?, Utrecht 2000Hans Venema, Buitenplaats Ypenburg. Een bevlogen bouwlocatie. Bussum 2000

Andere bron:Dagblad Het Vaderland.