Uw zoekopdracht Uw zoekopdracht
PDF PDF Print

Een reis om nooit terug te komen


De grote dag is aangebroken. We vliegen naar Singapore, waar de Willem Ruys een reis om de wereld maakt, om en om met de Oranje. Wij maken in zes weken een halve wereldreis tot Holland. Als je de hele reis zou maken, zou je immers weer in Singapore aankomen! Er zijn tweeduizend passagiers aan boord.

Alleen je kleding
Voor ons is dit een reis om nooit terug te komen. Op onze paspoorten staat het stempel 'No Return'. Na de bersiap-tijd moesten we als gelijkgestelden een keus maken: of je ging naar Nederland, of je bleef in Indonesië, of je ging naar je land van oorsprong. Voor ons Peranakan (tweede of derde generatie) Chinezen zou dat China zijn geweest. Weinigen deden dat: de taal beheers je niet, je wordt er ook niet geaccepteerd. Wie in Indonesië bleef, verloor alles wat hij in Nederland had. Vertrok je naar Nederland, dan was je alles kwijt wat je in Indië had bezeten. Er waren veel families die fabrieken of huizen, pensions of bedrijven hadden. Velen bleven dan ook in Indonesië.
De grote trek naar Nederland was in 1958. Op dat moment mocht je je bezittingen nog verkopen en je geld meenemen. Wij vertrokken in juli 1960 en toen waren de regels veranderd: behalve kleding mocht je niets meer meenemen. Je bezit werd onteigend, geld en juwelen moest je achterlaten. Je mocht alleen je kleding meenemen. De reis op zich was fantastisch, heel veel luxe aan boord.



Geen opvang meer
In Nederland was alles anders. Het viel ons tegen. Er was geen opvang meer voor spijtoptanten. Mijn man kreeg geen werk, hij was te oud, 47 jaar, en dus te duur. Diploma's uit Indonesië werden in Nederland niet erkend. Mijn man had niet veel zin om opnieuw examen te moeten doen. Hij begon een kamerverhuurbedrijf voor studenten en ik werkte op kantoor. Onze dochter was vijf jaar oud. Een bedrijf opzetten zoals in Indonesië - daar had ik een modezaak - was niet direct mogelijk. Ik moest de nodige papieren halen, zoals een vakdiploma en een middenstandsdiploma. Ik moest eigen kapitaal en een locatie hebben. In ongeveer vijf jaar heb ik de papieren gehaald, maar een bedrijf is nooit gerealiseerd. Ik begon op kantoor als typiste en met lessen zoals correspondentie, vreemde talen en sociale verzekering werkte ik me op. Ik heb in totaal nog vierentwintig jaar gewerkt tot mijn pensionering; de laatste vijf jaar deed ik juridische zaken.

Bernadien
 

Reacties: Geen berichten
Uw reactie
Naam (Log in): 
E-mailadres: 
Onderwerp: 
Bericht: